Ultralicht vissen op vakantie (Light Rock Fishing)

Geschreven door Maarten Roegiers.

Half juli. De snoeken laat je nu best met rust. Het zuurstofgehalte van onze ondiepe viswateren bereikt een dieptepunt. Baarsjes en snoekbaarzen kan je wel nog vangen. Best ’s morgens en ’ s avonds, maar de meeste vissers trekken nu met hun familie naar de zon. Zwembroeken en teenslippers worden ingepakt en de lange rit of vlucht naar het zuiden wordt ingezet.

Iedereen die één of andere kustregio aandoet zou ook best wat licht hengelmateriaal wegmoffelen in de autokoffer. Het ultralicht vissen aan zee (Light Rock Fishing of LRF) is een tak van de hengelsport die velen niet kennen, maar die ongelofelijk plezant is voor jong en oud. Overdag, bij de schemering en zelfs ’s nachts kan je op de meeste vakantiebestemmingen erg goed vissen op kleine rovers.

Van platvissen over felgekleurde lipvissen, makrelen tot grote alen en zelfs inktvissen kan je belagen met héél eenvoudige technieken en een minimum aan materiaal.

Wat heb je nodig voor een zo’n vakantiesessie aan de Spaanse Costa, de Italiaanse Riviera, de Franse Côte d’Azur of eender welke zeehaven waar ook ter wereld? Wel, een uurtje na het eten, een superlicht hengeltje, een paar loodhagels, een haakje en wat aas volstaat. Meer niet! Géén gesleur met fishfinders, overvolle kunstaasboxen, boten, trailers,…

Laat ons beginnen met het aas. Zowat alle zeevissen lusten wormpjes. De typische zeewormen zien er uit net als duizendpoten met tientallen piepkleine pootjes langs hun lijf. De Japanners (who else) maken fantastische zeeduizendpoten-kopieën in bio-afbreekbare kunststof. Ze noemen ze “isome”. Te vinden bij de beter gesorteerde hengelsportzaak (Robby Fish uit Merksem heeft ze bv…).

Zo’n zeepiertje, op een klein haakje nr 10 of 12 geschoven kan zowat alle courante zeevissen bekoren. Je hoeft enkel nog wat lood (0,5 tot 5gr) om het piertje richting bodem of een paar meter uit de kant te krijgen. Dropshot werkt goed, maar de montage waarbij het piertje aan het uiteinde van je lijn bengelt en het loodgewicht (gewone loodhagels volstaan) een 20-30cm hogerop, werkt eigenlijk beter voor de kleinste visjes. Het loodgewicht pas je aan aan de omstandigheden. Hoe lichter hoe leuker en hoe minder visjes je montage weer uitspugen door de weerstand die ze voelen.

Eén van de opvallendste dingen bij zoutwatervissen is dat je vaak méér beet krijgt als je aasje even stilligt. Een paar tikjes van de hengeltop, gevolgd door een langere pauze leveren vaak de meeste beten op. Sommige vissoorten willen het wel wat heftiger. Koornaarsvis (overal aanwezig, ook in onze Noordzeehavens!) houdt van wild opgetikte aasjes. Slijmvissen, grondels, pitvissen, pietermannetjes,… prefereren vaak een stilvallend wurmpje. In het donker merk je dat er andere vissen beginnen azen. Horsmakrelen bijvoorbeeld komen dan binnen werpbereik, maar ook zeebaarsjes gaan vaak pas na donkeren jagen op het speldaas in de kant.

Er bestaan uiteraard speciale, ultralichte en extra snelle hengeltjes voor dit soort visserij, maar voor een zomerse vakantiedag volstaat evengoed het lichtste stokje uit het assortiment van de lokale hengelsportsupermarkt.

Succes!

Maarten1

Zeedonderpadje

Maarten2
Lipvisje uit een Normandisch haventje

Maarten3
Gehoornde slijmvis

Maarten4
Steenbolkje

Maarten5
Grondeltjes zitten overal!

Maarten6
Japanse zeepierimitaties werken het best! Krabbetjes lukken ook.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wat doet een roofvisser in gesloten tijd?

Wat doet een roofvisser in gesloten tijd? Sommigen niks. Sommigen kopen de winkels leeg. Sommigen zetten hun materiaal nog eens extra in orde. En sommigen gaan op andere vis! Ik ben nu mijn tweede jaar lid van de Gezellige Zeebonken. Die hebben een kleine visvijver in Belzele, lekker dicht bij huis. 7km en ik ben er. OK, roofvissen is het summum, maar wie ooit een dikke karper aan een vaste stok gevangen heeft, kan niet anders dan daar een adrenalinestoot van jewelste van krijgen! En net daarom ben ik daar lid. Op de vijver zit brasem en karper, die je goed op de vaste stok kan vangen. Karpers tot dik 13kg. Uiteraard vis je daar niet op met een strakke kanaalstok, lichte elastiek en 10/00 zoals je op brasem zou doen. Een stevige jongen (zoals in mijn geval de Colmic Carpa Slim Max), aangepaste draad (ik vis graag met Colmic Xilo 18/00 of 20/00) en een ferme elastiek (in mijn geval Colmic holle elastiek van 3mm) is een must om die kerels de baas te kunnen. En dan nog. Als zo’n dikke karper denkt “en nu ga ik naar het midden van de vijver” dan kan je daar niet altijd veel tegen inbrengen. Maar meestal gaat het met het juiste materiaal wel goed. Dit is er eentje van 8kg en 73cm (niet op Belzele, dit is er eentje van in Sint-Katelijne bij de Sportvissers):

Maar enkele keren per jaar richt het bestuur ook een forelwedstrijd in. Op vrijdag stoppen ze dan forellen op het water, op zaterdag is dan de forelwedstrijd. De wedstrijden heb ik nog niet meegedaan. Zaterdag vind ik geen leuke of handige dag om te vissen. Boodschappen doen en leuke dingen doen met de kleine meid gaan voor. Maar vooral: de eerste twee uur van de wedstrijd moet je met de vaste stok vissen op forel. Neen dank u. En ze slagen er nooit in om redelijk wat forel te vangen. Dus dan kom ik, enkele dagen erna 🙂 . En als een echte roofvisser, uiteraard met kunstaas. Vaak werkt als spinner gevormde Powerbait goed op forelvijvers, maar die beesten gaan meer voor wormachtigen. Ik vis dan met Berkley Power Honey Worms.

Montage: een kant-en-klare forel onderlijn (18/00 nylon) van 60cm, een triple wartel (altijd handig, dat vermijdt het kinken van de lijn), de hoofdlijn is 20/00 nylon. Als sleepdobber gebruik ik zowel vaste dobbers (zoals de Spro Trout Master reeks) of schuifdobbers (zoals de DAM Spezi foreldobber). Meestal hoef je niet diep te vissen voor forel, dus een vaste dobber lukt perfect. De diepte varieer ik van 70 tot 120cm (het water is er tot 4m diep). Ingooien, en dan met lichte tikjes binnenvissen, af en toe beetje blijven hangen, tik tik tik, en weer verder slepen. Forel houdt van bewegend aas (aja, het is tenslotte een roofvis), maar is ook heel nieuwsgierig en voorzichtig. In tegenstelling tot regulier kunstaasvissen op baars of snoekbaars mag je net NIET direct aanslaan. Altijd even laten proeven. En dan pas hangen! Niet altijd eenvoudig om die klik in je hoofd te maken als roofvisser. Maar het is een goed alternatief voor het echte werk. En nog lekker ook. Want de forel moet je uiteraard meenemen. Wij vissen altijd catch & release, maar kijk, soms moet het catch & freeze zijn! En af en toe kom je een grotere tegen, die fikse sport geeft op een licht hengeltje. Deze was 46cm en 980gram, gevangen op de Reins Kid Ringer van mijn dochtertje.